Nieuwsbericht Oefening maakt betrokkenen bewuster van omvang en impact zware aardbeving

Gepubliceerd op: 02 juli 2019 16:15

Door de aardbevingsoefening van vorig jaar hebben de vele inwoners, de crisisorganisatie van Veiligheidsregio Groningen en tientallen aan de aardbevingsproblematiek verbonden organisaties en partijen scherper wat de impact van een grote beving kan zijn. Inwoners hebben geleerd dat zij zelf heel veel meer kunnen dan gedacht. Een grote mate van zelfredzaamheid is hard nodig, omdat de oefening ook leerde dat de hulpdiensten de eerste uren niet of nauwelijks in staat zullen zijn om ter plaatse te komen. Dit zijn enkele algemene inzichten uit het evaluatierapport van de 3-daagse aardbevingsoefening van vorig jaar november, waar honderden mensen bij betrokken waren.

Versterken zelf- en samenredzaamheid
Het rapport bevat negen bevindingen plus bijbehorende aanbevelingen. Een van de belangrijkste bevindingen uit de evaluatie, is het versterken van de zelf- en samenredzaamheid van onze inwoners. Dit werd in de voorbereiding op de oefening al gauw duidelijk. Inwoners vroegen de veiligheidsregio terecht waarom er niet direct gestart wordt met het voorbereiden van bewoners van dorpen en wijken. Er is daarom niet gewacht tot de start van de oefening. Na de zomer van 2018 is het gesprek hierover gestart met groepen inwoners en maatschappelijke organisaties. De kennis die gehaald is uit die gesprekken en de leerpunten uit de oefening wil de veiligheidsregio nu delen met de rest van de regio. Hierin trekken we samen op met gemeenten.

Nationaal Programma Groningen
Vanuit het Nationaal Programma Groningen heeft de veiligheidsregio hiervoor ook financiële middelen gekregen. Voor onder andere risicocommunicatie, maar ook voor bijvoorbeeld het opleiden van EHBO-ers of het faciliteren van dorpen en wijken om samen afspraken te maken over waar je elkaar ontmoet ten tijden van calamiteit. Dorps- en wijkverenigingen kunnen met de veiligheidsregio of met gemeenten contact opnemen om kennis te delen en hun vragen te stellen.

 


De belangrijkste inzichten zijn:

De basis voor de oefendagen was een aardbeving van M4.8 op de schaal van Richter met als epicentrum Zeerijp. Deze beving had effecten in 11 gemeenten van de Provincie Groningen.

  • Voorbereiding en uitvoering van deze oefening heeft de bewustwording van de impact van een zware beving enorm verhoogd. Alle betrokken partijen hebben een beter beeld gekregen bij wat een beving van deze omvang betekent. Niet alleen zijn er enorm veel schadegevallen en daarmee mogelijk gewonden, maar de cascade- en langetermijneffecten zijn niet minder. Nutsvoorzieningen komen onder druk te staan, telecommunicatie is niet of in beperkte mate mogelijk en het gebied is voor alle hulpverlening moeilijk bereikbaar. Het proces van de voorbereiding op de oefening heeft ertoe geleid dat bij vele instanties zowel voorafgaand als na de drie oefendagen leerervaringen zijn opgedaan en verwerkt in plannen en oefeningen.

  • Het duurt lang om in beeld te krijgen wat er aan de hand is (minstens vier tot acht uur). Dit is een gegeven door het ontbreken van voorzieningen in combinatie met omvang van de effecten. Dit betekent dat alle organisaties en partijen het moeten doen met de informatie die op dat moment wel voorhanden is. Dat levert een spagaat op voor alle partijen. Iedereen beslist het liefst op basis van een totaalbeeld, maar dat is er nog lang niet.

  • Inwoners zijn de first responders bij een incident. Ook bij een beving. Dit betekent dat ze op dat moment waardevolle informatie hebben voor de hulpverleners die ter plaatse komen. Hulpverleners maakten daar ook goed gebruik van. Samenwerking met inwoners vond ook plaats in het "gidsen". Daadwerkelijk hulp verlenen (bijvoorbeeld gewondenverzorging) kwam minder uit de verf in de samenwerking tussen hulpverleners en inwoners.